Turfpad 2 (21 km)

Knooppunten 98-33-13-76-75-21-22-23-24-25-26-56-19-26-32-33-34-35-36-37.

Tussen knooppunt 13 en 76 is er een vliegveldje waar je in de weekends bij mooi weer modelvliegtuigjes kunt zien opstijgen en landen. Aan knooppunt 22 werd het Moergat uitgegraven en de klei werd gebruikt in de steenbakkerij “De Langeschouw” aan 21. 24 tot 26 leiden je door de Oude Buisse Heide, een karakteristiek stuk heidegebied met vennen en bossen waar ooit Vincent Van Gogh veel tijd doorbracht.

De waterpartijen zijn overblijfselen van de turfontginningen, die in vroeger werden omgevormd tot landbouwgronden. In 2009 en 2010 werden deze weer hersteld tot een waterrijk natuurgebied.

Op de plaats waar je tussen 56 en 19 de grens oversteekt lag vroeger een vaart naar Rucphen. Deze volgde de rijksgrens tussen grenspaal 235 en 237.

50 m links van je pad zie je gp 236: een uit de kluiten gewassen grenspaal. Tussen 32 en 33 zie je tweemaal de Rozendaalse Vaart: één vertakking komende van De Maatjes (1449) en de andere van De Nol ook wel De Mikvaart genaamd (1710). Op deze turfvaarten werd gevaren met schuiten van 3,5 m. breedte en 16 tot 20m. lengte. Zo’n schuit kan geen haakse bocht maken, zodat de vaartaansluiting met een stompe hoek moest gebeuren, zoals hier te zien is.

Zo’n 200m na 36 passeer je de Wildertse beek en verder naar de monding ook de Molenbeek, de Roosendaalse- en Steenbergse Vliet (Maasbekken). Deze waterwegen zijn de natuurlijke afwateringen van de streek en werden nooit voor het vervoer van turf gebruikt, maar waren wel barrières voor turfvaarten. Er werden dan ook aquaducten gebouwd, namen als het Ziel bij Wildert (Wildertse Beek, de Nolsevaart) en het Zijl bij Nispen (Molenbeek, Jan van Nispenvaart) herinneren daar nog aan.

De Roosendaalse Vaart kende er ook twee, nl. Planke Vloerke (Kletterwater) en verfraaiing (Krampenloop) nabij Roosendaal. Dit deel was vóór 1449 de Jan van Nispenvaart die van Rouwmoer kwam.



Naar boven